TV-tunes
In 1968 had Jeannie C. Riley een hit met het nummer
"Harper Valley P.T.A.". De PTA in Amerika is voortgekomen uit het
"National Congress of Mothers", opgericht in 1897 door drie vrouwen
die gedreven werden om een mooiere wereld voor kinderen te maken. Het motto van
de PTA (Parents and Teachers
Association) is dan ook: "Children First".
In het liedje van Jeannie C. Riley, geschreven door Tom T. Hall, wordt een sexy vrouw
door de plaatselijke P.T.A. niet geschikt geacht haar kind op te voeden. De
moeder speelt deze aanklacht echter terug naar deze commissie, want voor elk commissielid
geldt hetzelfde.
In het liedje komt de regel voor: "Well, this is just a little PEYTON PLACE
and you're all Harper Valley hypocrites". Een duidelijke verwijzing naar
het boek, de film en de TV-serie PEYTON PLACE. Geïnspireerd door dit liedje verschijnt 10 jaar later
de film "Harper Valley P.T.A.",
waarin Barbara Eden de hoofdrol heeft als de sexy Stella Johnson, moeder van de
13-jarige Dee in het stadje Harper Valley in Ohio. De film had geen succes, maar
wèl toen de film op TV werd vertoond en dat was voor NBC reden genoeg om
er een TV-serie van te maken. De sitcom HARPER VALLEY
P.T.A., met ook nu weer
Barbara Eden in de hoofdrol, begon op 16-Januari-1981 en draaide 2 seizoenen (tot
Juni-1982). Het tweede seizoen had niet veel meer met het liedje te maken, omdat
het P.T.A. onderdeel eruit was geschrapt, maar de begintune bleef het liedje van
Tom T. Hall, gezongen door Jeannie C. Riley. En als u van trivia houdt:
Barbara Eden is bij ons bekend van de serie I DREAM OF ...
JEANNIE.
The tune van I DREAM OF JEANNIE
is nooit een hit geweest, maar het was goed genoeg voor Will Smith om te
gebruiken in het nummer "Girls ain't nothing but trouble". Toen Will Smith later zijn eigen serie THE
FRESH PRINCE OF BELAIR kreeg, componeerde hij daar zelf de tune voor.
Een
TV-serie gebaseerd op een liedje komt niet veel voor, maar dat was ook het geval
met THE ALVIN SHOW. In 1958 bracht David Seville "The Chipmunk Song"
uit, een grappig liedje, waarbij met de opnamesnelheid van de band was
gestoeid, zodat de stemmetjes bij normale weergave hoog klonken. Voor David Seville was dit de tweede
plaat waar hij dit effect had gebruik, want de eerste was "The Witch
Doctor", die onlangs nog een hit was voor The Toons (oe-ie-oe-aa-aa ting-teng
walla-walla-bing-beng....).
"The Chipmunk Song", was een groot succes, want in 7 weken tijd werden
4 miljoen exemplaren van dit liedje verkocht.
Na vele nieuwe platen verscheen op
4-oktober-1961 (dierendag, maar dat is toeval) de tekenfilm-serie voor het
eerst, met de stem van David Seville - die in werkelijkheid Ross Bagdasarian
heette. De orginele serie liep slechts tot september-1962, maar werd herhaald tot
1965. Daarna volgde een revival in 1979 en 1983 (met de stem van Ross
Bagdasarian Jr., de zoon van de inmiddels overleden Ross Sr.) met de serie ALVIN
AND THE CHIPMUNKS. In september 1991
was het afgelopen. Maar de serie zal nog vaak herhaald worden. "The Chipmunk Song" is ook in het Nederlands op de plaat gezet door
Edwin Rutten en de "muizen".
Voorlopig
zijn dit de enige twee series waarbij een hitsong leidde tot een TV-serie, maar
het is regelmatig andersom het geval geweest en diverse openingtunes van series
hebben de hitparade gehaald. Laten we beginnen met DRAGNET. Het beroemde thema
(dam-di-dam-dam) werd in 1949 gecomponeerd door Walter Schuman voor de radioserie
Dragnet. In 1951 bracht Jack Webb zijn radioserie naar de televisie, waarmee het
een voorbeeld zou worden voor elke politieserie die zou volgen. In 1953 zette
Ray Anthony met zijn Big Band het thema op de plaat en kreeg daarmee een top-10
hit: de eerste televisietune dat de hitparade (Billboard) zou halen. Het nummer bereikte de
derde positie. Walter Schuman was de eerste componist die een EMMY-award ontving voor
muziek in een TV-serie.
In
die tijd was het niet zo gebruikelijk dat er speciaal gecomponeerd werd voor
TV-series. Meestal werd geput uit zogenaamde library-muziek of zelfs klassieke
muziek. Het bleek al gauw dat de invloed van televisie zo groot was, dat een
thema uit Giochinno Rossini's opera Willem Tell niet meer als zodanig zou worden
herkend, maar als de tune van THE LONE RANGER. De beroemde tune van
ALFRED
HITCHCOCK PRESENTS... leende Hitchcock van Charles Gounod en staat bekend als
"Funeral March of a Marionette". Hitchcock zelf had de muziek gehoord
bij de vertoning van een film uit 1927 ("Sunrise"). Componist Dave
Kahn arrangeerde het voor Hitchcock's TV-serie.
Maar
ook vele jaren later zou nog regelmatig worden teruggevallen op klassieke
muziek, denk maar aan THE ONEDIN LINE. Als je het beroemde thema van
Katchaturian hoort, dan zie je als het ware al de open zee, de majestueuze
zeilschepen en ruik je het zilte nat. In werkelijkheid heeft de muziek helemaal
niets met de zee te maken. Het is een liefdesthema uit het ballet Spartacus.
Juist liefhebbers van klassieke muziek vinden daarom het gebruik van "hun"
muziek niet prettig, omdat het gevoel dat je bij de muziek zou moeten hebben
wordt aangetast.
In Nederland werd voor DE
KLEINE ZIELEN (1969) een compositie boven water gehaald van de Nederlandse
componist Alexander Voormolen: Concert voor hobo en orkest. Er bestonden wel
opnames, maar voor de serie werd de compositie speciaal uitgevoerd door het
Omroeporkest met Henk Spruit als dirigent en Cor Coppens als hobosolist.
Er kwamen echter veel verzoeken om informatie omtrent de themamuziek bij de NCRV
binnen en dat was de reden dat bij de herhaling van de serie, in 1970 al, een LP werd
uitgebracht met opnames van de NOS en Wereldomroep uit 1951 en 1961 met twee
composities van Voormolen: Concert voor hobo en orkest (Residentieorkest
olv Willem van Otterloo, solist: Jaap Stotijn) en Concert voor twee hobo's en
orkest (Radio Philharmonisch Orkest olv Jean Fournet, solisten: vader Jaap en
zoon Haakon Stotijn). De opleving van zijn muziek zal de componist, die
dat jaar 75 werd, goed hebben gedaan.
In
Nederland was in 1963 de TV-serie MEMORANDUM VAN EEN DOKTER van start gegaan.
Het was een succesvolle serie dat 4 jaar liep en waarvoor de muziek werd
gebruikt van Pietro Antonio Locatelli.
De componist is in Bergamo geboren, maar
woonde van 1720 tot 1764 in Amsterdam. Zijn Vioolconcert in D Groot op.3 no.1,
in 1959 opgenomen door Susanna Lautenbacher met het Kamerorkest van Mainz,
o.l.v. Günther Kehr, werd gekozen als herkennings melodie voor de
Nederlandse versie van de Engelse TV-serie DR. FINLAY'S CASEBOOK.
De NCRV gaf in 1992 deze muziek uit op CD.
In
Amerika was Walt Disney druk met het maken van prachtige films voor zijn
TV-serie DISNEYLAND, waarvoor speciaal muziek werd gecomponeerd.
Voor
een driedelige aflevering over Davy Crockett werd een speciale tune gemaakt door
George Bruns. Hij schreef in twee uur "The Ballad of Davy Crockett".
Begin 1955 werd dit lied door Bill Hayes opgenomen en zo goed verkocht dat het 5
weken op de eerste plaats bleef staan. Davy Crockett werd gespeeld door Fess
Parker, die één van de twintig artiesten was die het nummer ook opnam. Beide uitvoeringen
worden nog wel eens gedraaid.
In
Engeland bereikte in 1955 de tune van de TV-serie THE
ADVENTURES OF ROBIN HOOD de top-20, nog vóórdat de serie op het Engelse
scherm te zien was. Het nummer is geschreven door Dick James, die het ook op
de plaat opnam onder leiding van George Martin. De plaat werd een millionseller en bereikte
uiteindelijk de 9e plaats op de Engelse hitparade.
Dick James, die eigenlijk Richard Leon Vapnick heet, en George Martin hadden later veel
te maken met THE BEATLES, George Martin was hun producer en Dick James zorgde in
1962 voor de eerste TV-spot van The Beatles op ITV, de Engelse commerciële zender,
die ook de serie van Robin Hood uitzond.
Dick James werd daarna de Booking Agent en uitgever van de Beatle-liedjes in de
speciaal ervoor opgerichte Northern Songs Ltd. uitgeverij. Hij was de grootste
aandeelhouder ervan, maar werd jaren later miljonair, toen hij zijn aandelen
verkocht aan LEW GRADE, later SIR Lew Grade, de man achter ATV.
ATV
staat voor Associated TeleVision, dat zou uitgroeien tot een van de grootste
leveranciers van TV-programma`s aan beide kanten van de oceaan.
In de serie THE ADVENTURES OF ROBIN HOOD was Peter Asher regelmatig te zien als
Prins Arthur (zoon van koning Richard The Lionheart). Peter Asher is de helft
van het duo Peter & Gorden, dat in de 60er jaren veel succes had met liedjes
die vooral door Paul McCartney geschreven waren. Peter's zus Jane Asher speelde
ook mee in een aflevering van de Robin Hood-serie en is actrice gebleven. Ze was
lange tijd de vriendin van Paul McCartney.
Aan de Amerikaanse kant van de oceaan stond in
1957 een andere vrijheidsstrijder op: ZORRO. Het was een Disney-produktie en ook
nu weer tekende George Bruns voor de herkenningsmelodie. Een mannenkoor zong de
tune, maar de dikke "sergeant Garcia", Henry Calvin, nam het nummer
ook op. Het werd een hit, maar dan in de uitvoering van The Chordettes, die het in
1958 naar de 17e plaats van de Billboard hitparade zongen. De versie van Henry
Calvin werd ook uitgegeven door Disney, die het samen met de orginele tune op een EP liet persen.
Regelmatig
zouden TV-tunes de hitladder bestijgen, maar zoals je al zag: niet altijd in de orginele
uitvoering. Zo werd de tune van DRAGNET in ons land bekend gemaakt door het orkest van Ted
Heath. En in Amerika was het een hit voor de Big Band van Ray Anthony. Het
orgineel werd echter gespeeld door een studio-orkest o.l.v. Nathan Scott.
Nog een voorbeeld is een TV-serie van Blake "Pink Panther" Edwards: PETER
GUNN. Deze TV-serie is nooit in Nederland geweest en
dat is jammer, want de serie is uit muzikaal oogpunt opmerkelijk. Ster van de
serie was Craig Stevens als privédetective Peter Gunn, die vaak te vinden was
in "Mother's", de jazzclub waar zijn vriendin Edie Hart (Lola
Albright) zangeres was. Jazz was dan ook belangrijk in de serie. Er zaten zelfs afleveringen tussen waarvan
de helft uit muziekoptredens bestond.
De muziek is van Henry Mancini, die in 1958 de LP uitbracht: "The Music of
Peter Gunn", dat hem twee Grammy Awards opleverde. Feitelijk waren twee
nummers van die plaat de enige thema's die regelmatig terugkeerden: "Peter
Gunn" en "Fallout!". Andere nummers waren speciaal voor de LP
geschreven, maar werden later in de TV-serie gebruikt. Overigens werd voor elke
aflevering de muziek apart gecomponeerd, gespeeld en na de opnames toegevoegd.
De zangnummers van Lola werden daarentegen vaak vantevoren opgenomen. In het
boek "Sounds and Scores" van Henry Mancini worden diverse nummers uit
de serie gebruikt als lesvoorbeelden voor orkestratie.
De LP "The Music from Peter Gunn" bereikte de 1e plaats van de album
top-10 van Billboard, waar het 10 weken bleef staan, maar het werd een grote hit
door het orkest van Ray Anthony, dat hetzelfde in 1953 met
"Dragnet" had gedaan. In 1959 bracht hij "Peter Gunn" op een
8e plaats. Maar daar bleef het niet bij: Duane Eddy bracht het nummer in 1960
uit en bereikte de 27e plaats. The Art of Noise deed het nog eens in 1986 en
bereikte een 50e plaats. In Nederland is vooral de uitvoering bekend van
Emerson, Lake en Palmer, die het in juli-1980 nog tot de 4e plaats in de Nederlandse
hitparade bracht.
De tekst van Blake Edwards op de hoes van de LP "The Music from Peter
Gunn":

Mancini bracht een jaar
later, in 1959, een tweede LP uit: "More music from Peter Gunn", maar
begon dat jaar ook te schrijven voor nog een Blake Edwards TV-serie: MR.
LUCKY. Ook
hier schreef Henry Mancini weer mooie muziek voor. De LP "The Music from
Mr. Lucky" schoot omhoog in de Billboard lijsten, bereikte de 2e plaats en
leverde wederom 2 Grammy Awards op. Het seizoen 1959-1960 moet behoorlijk druk
voor Mancini zijn geweest, want hij moest twee series per week van muziek
voorzien. Toch was er plaats voor nog een Mr. Lucky LP: "Mr. Lucky goes
Latin".
Nadat deze series afgelopen waren ging Mancini weer voor films
schrijven, zoals "Breakfast at Tiffany's" en schreef prachtige
nummers, zoals "Moon River". Later zullen we Mancini weer tegenkomen bij een
andere TV-serie: CHARLIE'S ANGELS.
